Tag Archives: afvoer

Afvoersysteem voor hoogbouw zonder extra omloopleiding

Gepubliceerd op

Geberit introduceert met SuperTube een nieuw afvoersysteem voor hoogbouw. Drie gepatenteerde  fittingen zorgen bij verdiepingsaansluitingen en bij de richtingverandering in de standleiding voor een continue luchtkolom in de afvoerleiding. De installatie van een parallelle omloop- of secundaire ontspanningsleiding is zo niet langer nodig. Met dit afvoersysteem blijft de leidingdiameter klein en kunnen er horizontale verslepingen tot 6 meter zonder afschot worden geïnstalleerd. Dit levert meer vloeroppervlakte en een hogere plafondhoogte op.

Verandering van richting in de standleiding vereisten in het verleden een extra omloopleiding. Met de SuperTube is deze overbodig. De technologie is gebaseerd op de wisselwerking tussen vier systeemcomponenten. Drie fittingen in combinatie met de Geberit PE afvoerleiding vormen samen een hydraulische oplossing.

Hoe werkt het?
De geoptimaliseerde productgeometrie van het Geberit PE Sovent T-stuk geleidt het water naar de standleiding en brengt het aan het draaien, waardoor het tegen de buiswand wordt gedrukt. De ontstane ringvormige stroming zorgt voor een stabiele en continue luchtkolom aan de binnenzijde. Dit levert een afvoercapaciteit van 12 l/s op; dat is het 3-voudige van een conventionele standleiding

Aangekomen bij de Geberit PE BottomTurn bocht zorgt een verandering van richting ervoor dat de watermuur breekt en de ringvormige stroming een gelaagde stroming wordt zonder de luchtkolom te verstoren. Deze verandering vermindert de impulsverliezen in vergelijking met conventionele oplossingen.

De gedraaide Geberit PE BackFlip bocht zorgt ervoor dat de gelaagde waterstroom vervolgens weer gaat wervelen, waardoor het water met een draaiende beweging in een ringvormige stroming wordt afgevoerd via de verticale leiding. De interne luchtkolom in de navolgende standleiding blijft hierdoor intact.

Kleinere diameter
Doordat met een kleinere diameter veel meer water afgevoerd kan worden, zijn er aanzienlijk kleinere schachten nodig. Bovendien is er ook geen afschot meer nodig in de horizontale versleping tot 6 meter lengte. Dit maakt het bijvoorbeeld mogelijk om plafondophangingen bij een versleping zeer dicht bij het betonnen plafond te plaatsen.

Een conventioneel afvoersysteem bereikt een afvoercapaciteit van 12,6 l/s met standleiding van Ø160, gecombineerd met een secundaire ontspanningsleiding Ø110 (max. hoogte 75m) of met een conventionele standleiding Ø200 met omloopleiding (max. hoogte 90m). De oplossing met Geberit SuperTube vereist geen secundaire ontspanningsleiding, terwijl het een maximale afvoercapaciteit van 12 l/s bereikt bij een leidingdiameter van slechts Ø110, ongeacht de hoogte van het gebouw.

Rioleringstak installatiebranche belangrijk om regenwateroverlast te beperken

Gepubliceerd op

Eigen grondbezitters, hoe klein ook, zijn belangrijk in de strijd tegen regenwateroverlast. De rioleringstak van de installatiebranche kan veel maatregelen treffen om eigenaren en bewoners gerust te stellen, nu het KNMI voorspelt dat zware buien steeds vaker zullen optreden en extremer worden. Sommige maatregelen kunnen direct worden toegepast, voor andere is afstemming met de omgeving nodig. NEN schrijft op haar website aan welke maatregelen kan worden gedacht. Daarbij is het allereerst van belang om de gebouw- en terreinriolering in kaart te brengen en deze te toetsen aan de recente voorschriften. De voorschriften zijn door het veranderende klimaat al meerdere malen aangescherpt. De wet verwijst naar twee voorschriften in het Bouwbesluit, te weten: NEN 3215 en de praktijkrichtlijn NTR 3216.

‘Voorzieningen op daken (denk aan noodafvoer en ontluchtingsopeningen) en hemelwaterafvoer moeten zo nodig worden aangepast. Een ontlastvoorziening als een ontlastput of een bladscheider in de regenpijp, is nog veel te weinig aanwezig. Vaak ontbreekt ook een terugstuwbeveiliging in de gebouwriolering bij laag gelegen lozingstoestellen. De installatie aanpassen aan de recente voorschriften is niet voldoende. Periodieke controle en onderhoud van daken, goten, noodafvoeren, ontlastvoorzieningen, terugstuwbeveiligingen blijft noodzakelijk.

Een andere belangrijke maatregel is het ‘afkoppelen’. Afkoppelen is een verzamelbegrip voor het scheiden van hemelwater en huishoudelijk afvalwater om zo een duurzame waterhuishouding te bereiken. Op grond van de milieuwetgeving zijn particulieren zelf verantwoordelijk voor het verwerken van hemelwater op eigen terrein. Het is daarom belangrijk om na te gaan of er een gemeentelijke hemelwaterverordening van toepassing is. Daarin kunnen afkoppelmaatregelen zijn opgenomen die voor het betreffende perceel van toepassing zijn. Het afkoppelen kan bestaan uit een aansluiting van het hemelwaterafvoersysteem op het openbaar regenwaterstelsel (gescheiden rioolstelsel), of het lozen van hemelwater op aan het terrein grenzend oppervlaktewater, of het hemregenwateroverlastelwater direct (bovengronds) of indirect (ondergronds) op eigen grond infiltreren. Deze laatste maatregel beperkt tevens dat de grond verdroogt.

Naast het van het pand af te voeren hemelwater moet ook het regenwater dat direct op het terrein valt verwerkt worden. Bij (zeer) extreme buien schiet de capaciteit van de afvoer- en infiltratiesystemen tekort. Vanuit ontlastvoorzieningen en/of noodoverlopen stroomt ook het hemelwater van het pand over het terrein. Met de inrichting van het terrein moet hiermee rekening worden gehouden. Voorkomen moet worden dat het water vanaf het terrein het pand in kan stromen. De plaatsen van de ontlastvoorzieningen en noodoverlopen en de inrichting van het terrein moeten op elkaar worden afgestemd. In het terrein moeten één of meerdere voorzieningen voor de tijdelijke berging van het regenwater worden aangebracht. Die voorzieningen kunnen verlaagde gedeelten in het maaiveld zijn, al dan niet met ondergrondse kratten, waarin het regenwater stroomt en vervolgens langzaam wegzakt in de bodem. Het reliëf van de tuin of het terrein moet er voor zorgen dat het water de tijdelijke bergingen kan bereiken zonder wateroverlast of -schade aan het eigen perceel of aangrenzende percelen.

Uneto-VNI gaat dit jaar meer bekendheid geven aan de mogelijkheden van preventie van overlast en schade door (extreme) buien.

Relevante normen: NEN 3215 en NTR 3216:2012

Concentrisch push-fit rookgasafvoersysteem van kunststof

Gepubliceerd op

Cox Geelen concentrisch kunststofCox Geelen kiest al jaren voor veiligheid met concentrische rookgasafvoersystemen en hier is nu een kunststof/kunststof push-fit systeem aan toegevoegd. Koolmonoxide is een onderschat en onbegrepen gevaar. Om een koolmonoxidevergiftiging te voorkomen is het raadzaam om een cv-ketel aan te sluiten met een concentrische rookgasafvoerleiding.
Een kunststof rookgasafvoerpijp zet bij opwarming meer uit dan een metalen pijp. In de concentrische oplossing wordt rekening gehouden met deze uitzetting. Het uitzetten van de rookgaspijp zal nooit leiden tot het uit elkaar gaan van het concentrische rookgasafvoersysteem. Mocht zich een lekkage voordoen in de rookgasafvoerpijp, dan komen de rookgassen in de luchttoevoer van de ketel en bij een te hoge recirculatie zal de ketel op storing gaan en stoppen met de productie van koolmonoxide. Er ontstaat hierbij geen gevaarlijke situatie voor de bewoners.

Het CoxDens® with Connex3T® rookgasafvoersysteem is ontworpen voor condenserende toestellen (T120) en is leverbaar in de kleur wit, diameter 60/100 mm, geschikt voor overdruk.

Voordelen Push-Fit systeem CoxDens® with Connex3T®: Het systeem laat zich gemakkelijk installeren; de rookgaspijp laat zich eenvoudig uit de buitenpijp halen waardoor het eventuele inkorten gemakkelijk gaat alsook het ontbramen; er zijn minder beugels nodig voor de installatie van het concentrische CoxDENS® with Connex3T® dan bij een parallelle installatie, waardoor het uiteindelijk tijdwinst zal opleveren; CoxDens® with Connex 3T® houdt rekening met de uitzetting van de kunststof rookgaspijp.

De installatie is compleet met de geheel in kunststof uitgevoerde Econext® concentrische dakdoorvoer Ø 60/100 en Econext® muurdoorvoer Ø 60/100 met bocht 87° en 2 meetpunten. Verder zijn er pijpen in 3 lengtes en bochten in 87° en 45°. Voor een cv-ketel met een parallel 80/80 aansluiting is een Connex3T® adapter 80/80 – 60/100 mm beschikbaar.

Voor meer informatie: www.coxgeelen.com